In afwachting tot een nieuwe aanvraagprocedure roept Hubertus Vereniging Vlaanderen, in samenspraak met het Agentschap voor Natuur en Bos, al haar leden op om de bestrijding op kraai, ekster en kauw voor minstens twee weken op te schorten.

Afgelopen vrijdag keurde de Vlaamse regering een nieuwe werkwijze goed voor de aanvraag tot schadebestrijding van beschermde soorten als kraai, ekster, kauw en brandgans. Dat moest ze doen na een arrest van de Raad van State, dat brandhout maakte van de vroegere regeling, waarbij een passieve goedkeuring van de administratie voldoende was.

In de nieuwe regelgeving worden de rollen omgedraaid: pas wanneer de administratie (concreet: het Agentschap voor Natuur en Bos) haar actieve goedkeuring geeft, mag de bestrijding doorgaan. De schadelijder mag normaliter een antwoord verwachten binnen de twee werkdagen. Als dat niet volgt, is zijn aanvraag geweigerd.

Om overzicht op de situatie te krijgen, zat Hubertus Vereniging Vlaanderen reeds samen met het Agentschap voor Natuur en Bos. Die laatste vroeg –terecht– enkele weken de tijd om alles op poten te zetten, conform de Europese wetgeving en afgestemd op de draagkracht van de eigen werking. ‘Bedoeling is om een oplossing te vinden die voor iedereen werkt, zowel voor de jager als voor de overheid’, verduidelijkt Kathleen Vanhuyse, medewerker van het kenniscentrum.

In afwachting daarvan roepen beide organisaties de jagers op om tijdelijk, voor minstens de duur van twee weken, alle bestrijding, in welke vorm dan ook, stil te leggen en geen aanvragen meer in te dienen. ‘Die gaan toch niet goedgekeurd worden’, verduidelijkt Vanhuyse. ‘Ook eerder ingediende aanvragen, via formulier of via het faunabeheerplan, zijn niet langer geldig. Wildbeheereenheden gaan een nieuw verzoek moeten indienen eenmaal de procedure op punt staat.’

Hubertus Verenging Vlaanderen, die mee het voortouw neemt in dit dossier, streeft naar een oplossing ‘die zo min mogelijk een administratieve verzwaring voor de leden zal betekenen’, aldus Vanhuyse. ‘Anderzijds: we zijn ook gebonden aan het arrest van de Raad van State en Europa. De nieuwe procedure moet ervoor zorgen dat we als sector terug aan de slag kunnen, zonder opnieuw met de kop tegen de muur te lopen.’