foto: HLN
Het realiseren van een korte keten, dus het vermarkten van wild, waarbij versneden wild aan horeca en/of particulieren kan verkocht worden, kan helpen om het everzwijnenprobleem verder aan te pakken.
Diepvriezers van jagers zitten overvol en de huidige prijzen die wildhandelaren betalen zijn onvoldoende om de transportkosten van de jager te dekken. Daartegenover is het niet haalbaar om een everzwijn “in de pels” te verkopen aan particulieren. Zeg nu zelf, welke burger beschikt over de vaardigheden en de faciliteiten om een everzwijn hygiënisch te versnijden en verwerken?
Deze lacune in de regelgeving zorgt voor terughoudendheid bij het realiseren van een noodzakelijk afschot om de everzwijnenproblematiek in te dijken.
Ook voormalig voorzitter van Hubertus Vereniging Vlaanderen, Rudi Van Decraen, getuigde in HLN over deze regelgeving. Van Decraen zegt in het artikel dat er vanuit de horeca een duidelijke vraag is naar lokaal wildbraad, maar dat de huidige regelgeving enkel de verkoop van wild ‘in de pels’ toelaat. Wildverwerkingsinrichtingen betalen vaak lage prijzen en tegelijkertijd wordt in Belgische restaurants wild geserveerd dat van duizenden kilometers ver wordt ingevoerd.
Volgens Van Decraen is dit een gemiste kans om lokaal, duurzaam en betaalbaar wildbraad via de korte keten aan te bieden. Hij pleit daarom voor een versoepeling van de regelgeving, met behoud van de nodige voedselveiligheidsgaranties. Een dergelijke aanpassing kan bovendien bijdragen aan een doeltreffender beheer van de groeiende everzwijnenpopulatie in Vlaanderen.
Lees het volledige artikel:
https://www.hln.be/binnenland/jager-rudi-heeft-drie-vriezers-vol-wild-maar-mag-het-niet-versneden-verkopen-aan-restaurants-thuis-is-wild-dagelijkse-kost~a9d05b8e/
Wat zegt de huidige regelgeving?
Om te weten wat de huidige regelgeving zegt, moeten we kijken naar de Belgische Federale wetgeving, meer bepaald naar het Koninklijk Besluit van 7 januari 2014 betreffende de rechtstreekse levering aan de eindverbruiker. In deze wetgeving staat bij “Afdeling IV. – Vrij wild – Art.16” het volgende:
- het gaat om vrij wild dat is neergeschoten door de jager of door de groep jagers waarvan hij bij de jacht deel uitmaakt;
- Tijdens het vervoer is stapelen verboden;
- elke jager mag ten hoogste rechtstreeks aan de eindverbruiker of aan de plaatselijke detailhandel, 2 stuks grof vrij wild en 20 stuks klein vrij wild leveren die zijn neergeschoten tijdens dezelfde onafgebroken jachtsessie van zes uur op hetzelfde jachtterrein;
- het wild gaat vergezeld van de verklaring van een gekwalificeerd persoon.
- wilde zwijnen en andere voor trichinen gevoelige soorten ondergaan op aanvraag van de gekwalificeerde persoon een trichinenonderzoek in een geaccrediteerd of erkend laboratorium; het gunstige resultaat is gekend voor de levering of het resultaat wordt, nadat de eindconsument of de plaatselijke detailhandel bij de levering gewezen is op het belang van een lopend onderzoek, na ontvangst ervan door de gekwalificeerde persoon aan de eindconsument of de plaatselijke detailhandel meegedeeld.
Belangrijke definities
- Detailhandel: plaats van verkoop of levering aan de eindverbruiker, inclusief distributieterminals (automaten), grootkeukens, traiteurs en restaurants;
- Plaatselijke detailhandel : de detailhandel die gelegen is binnen een straal van 80 km van de productie-inrichting en die rechtstreeks aan de eindverbruiker levert.