De polders van Ramskapelle vormen één van de twee Vlaamse demogebieden in het North Sea Region Interreg project PARTRIDGE. Het doel van dit vierjarig (2017-2020) project is om te demonstreren hoe rendabele landbouwbedrijfsvoering en een beheer afgestemd op patrijs en akkerbiodiversiteit hand in hand kunnen gaan. In tien demogebieden van 500 ha, verspreid over Engeland, Schotland, Nederland, Duitsland en Vlaanderen, wordt minimaal 7 % optimaal patrijzenhabitat aangelegd. Daarnaast wordt bijgevoederd in de winter en wordt, binnen het wettelijke kader, aan predatorcontrole gedaan waar mogelijk en gewenst. De combinatie van deze maatregelen moet de akkerbiodiversiteit laten stijgen met minstens 30 % tegen 2020 in elk van de tien demogebieden .

Om deze stijging van de akkerbiodiversiteit te bekomen, zet het PARTRIDGE-project onder meer sterk in op de ontwikkeling en het uittesten van nieuw kwaliteitsvol patrijzenhabitat. Hierbij baseren de projectpartners zich op internationaal opgebouwde kennis en ervaring.

De reeds bestaande beheerovereenkomsten tussen landbouwers in het demogebied en de Vlaamse Landmaatschappij (VLM) vormen al een eerste bijdrage om tot 7 % kwaliteitsvol habitat te komen. Het gaat tot nog toe vooral om gras-kruidenstroken. Percelen ingezaaid met zaadmengsels die dekking bieden gedurende het broedseizoen en de winter, en tegelijkertijd insectenrijk habitat voorzien voor de patrijzenkuikens, leveren echter de grootste meerwaarde voor de patrijs. De inzaai van percelen met zaadmengsels die hiervoor geschikt zijn is dan ook één van de prioriteiten in het demogebied van Ramskapelle. Daarnaast krijgen landbouwers de kans om contracten af te sluiten om kleine groepjes lage struiken aan te planten en om keverbanken aan te leggen (zie ook het bericht hierover van het Nederlandse demogebied).

In Ramskapelle hebben de twee betrokken jager-landbouwers enthousiast ingepikt op het programma en testen ze een PARTRIDGE- zaadmengsel uit, gebaseerd op een mengsel ontwikkeld en op punt gesteld in de buurt van Göttingen, Duitsland. Het mengsel bevat onder meer boekweit, vlas, luzerne, zonnebloemen, bladkool, verschillende graansoorten en meerjarige chicorei. Twee jachtgroepen zaaiden ook een hectare in van een tweede PARTRIDGE-mengsel. Dit mengsel werd ontwikkeld door de Game and Wildlife Conservation Trust (GWCT) en Oakbank in Engeland, en heeft in tegenstelling tot het Duitse mengsel een grotere mestgift nodig. Aansluitend aan het demogebied in Ramskapelle kon een jachtgroep, op eigen kost in overeenkomst met de landbouwer, twee lange stroken inzaaien met een andere variant van het Duitse PARTRIDGE-zaadmengsel. Naast één van deze stroken zal de jachtgroep ook een strook ‘Switchgrass’ inzaaien. Dit is een gewas dat gebruikt kan worden als bio-energieteelt door landbouwers, en moet zorgen voor extra winterdekking voor de patrijzen. Een andere jachtgroep zorgde voor twee percelen met graangewassen (één met tarwe en één met gerst) die blijven staan tijdens de winter om voedsel te leveren aan akkervogels. Lokaal konden jagers struweel planten dat in de toekomst kwaliteitsvolle dekking moet voorzien in de winter. Net het ontbreken van kwaliteitsvolle winterdekking is immers een knelpunt voor patrijzen en andere akkerfauna in de polders van Ramskapelle.


Een jachtgroep zaaide enkele stroken in met een variant van het Duitse PARTRIDGE-mengsel.


Naast akkervogels profiteren ook andere soorten volop van de ingezaaide mengsels (hier hommels op facelia).


Een jachtgroep zorgde voor enkele percelen met graangewassen die blijven staan tijdens de winter en voedsel moeten leveren voor akkervogels.